Methode

Proeven

Hoe ik proef als ik werk: voor proefnotities, opdrachten en podcast-opnames. Plus de biodynamische kalender en zeven praktische tips. Voor gezellig wijn drinken thuis hoef je dit niet te doen.

De proefnotitie-app die ik zelf gebruik is open source. Probeer hem hier of bekijk de code op GitHub.

Editorial brutalist illustratie: aan de linkerkant een ISO-proefglas op een technisch raster met meetlijnen, stopwatches en tandwielen; aan de rechterkant een wijnfles en brood op een houten tafel — werk versus gezellig drinken.

Wat is wijn proeven

Wijn proeven is iets anders dan wijn drinken. Drinken is genot, proeven is opletten. Bij proeven schenk je een klein bodempje in, je kijkt, je ruikt, je neemt een slok die je over je tong laat lopen, en pas dan slik je. Of niet, als er nog twintig wijnen volgen.

Het doel: vastleggen wat de wijn is, niet of je hem lekker vindt. Lekker komt later. Eerst observeren, dan oordelen.

Iedereen kan dit leren. Je hebt geen superneus nodig en geen jaren oefening voor je iets zinnigs kunt zeggen. Wel een rustig moment, een neutraal glas en bereidheid om je eerste indruk niet meteen weg te praten.

Voordat we naar de basis gaan is het belangrijk dat de omstandigheden kloppen. Een rustig moment, een neutraal glas, een wijn op de juiste temperatuur, en een dag waarop de wijn zich laat lezen. Wát je proeft hangt minstens zoveel af van wannéér en hoe je proeft als van wat er in de fles zit. Daarover gaan de twee secties die hierna komen.

De basis: kijken, ruiken, proeven

De volgorde is altijd hetzelfde. Drie zintuigen, één glas. Drie stappen, vijf minuten werk. Niet het etiket beoordelen, maar wat erin zit.

Kijken

Houd het glas schuin voor een witte achtergrond. Welke kleur? Citroengeel, goud, amber bij wit. Paars, robijn, granaat, tawny bij rood. Hoe intens, hoe helder? Bij mousserende wijn: zijn de belletjes fijn en aanhoudend, of snel weg? Een witte die naar goud trekt is meestal ouder of houtgerijpt. Een rode met baksteenrand heeft jaren op de fles.

Ruiken

Eerst stilstaand ruiken, daarna pas zwenken. Je neus pakt op stilstand subtielere geuren op die na zwenken weggeblazen zijn. Eén rustige inhalatie. Wat komt als eerste? Fruit, en welk fruit precies? Bloemen, aarde, gist, eik? Noteer die eerste indruk vóór je gaat rationaliseren. Die is bijna altijd de eerlijkste.

Daarna een tweede ronde voor wat eronder zit, en een derde voor fouten: kurk, azijn, vochtig karton.

Proeven

Een kleine slok, lucht erbij door een lichte zuig met je lippen, en de wijn over je hele tong laten lopen. Droog of zoet? Zuur, tintelt het op de zijkanten van je tong? Tannines, de droogheid op je tandvlees bij rood? Hoe lang blijft de smaak hangen nadat je doorslikt? Een wijn die na vijftien seconden weg is, is geen grote wijn. Een wijn die nog na een minuut praat: opletten.

Eén vraag om bij jezelf te stellen: wat is de overheersende indruk? Dát is de kern van je notitie.

De biodynamische kalender

Maria Thun was een Duitse boerin die in 1952 begon met een experiment dat decennia duurde. Ze plantte aardappelen op verschillende dagen en hield bij wat de smaak deed. Haar bevindingen werden de biodynamische kalender: vier soorten dagen, ieder gekoppeld aan de stand van de maan voor een sterrenbeeld.

Fruitdagen vallen wanneer de maan voor Ram, Leeuw of Boogschutter staat. Bloemdagen voor Tweelingen, Weegschaal of Waterman. Bladdagen voor Kreeft, Schorpioen, Vissen. Worteldagen voor Stier, Maagd, Steenbok.

Of je het wetenschappelijk hard kunt maken is een andere discussie. Ik weet alleen dat ik dezelfde fles op een fruitdag opener vind dan op een worteldag, en dat producenten als Nicolas Joly er hun bottling op timen.

Praktisch hanteer ik dit

  • Fruitdagen: wijnen met fruit als handtekening. Pinot Noir uit Bourgogne, Riesling, Beaujolais, jonge Champagne. Alles wat van helderheid leeft.
  • Bloemdagen: aromatisch en bloemig. Gewürztraminer, Muscat, Albariño, oude Champagnes waar de fruitige top is overgegaan in iets parfumachtigs.
  • Bladdagen: licht ongunstig voor proeven. Wijn smaakt vlakker, structuur is er nog wel maar het fruit ligt achter glas. Geschikt voor analytisch werk, niet voor genot.
  • Worteldagen: vermijd serieuze proeverijen. De wijn lijkt gesloten, soms zelfs lichtjes muf. Goede dag voor cellar work, opruimen, lezen over wijn in plaats van proeven.

Ik plan blinde proeverijen op fruit- of bloemdagen. Importeursamples open ik wanneer ze binnenkomen, maar de notities bewaar ik voor een tweede sessie als de timing tegenzat. Een wijn één keer afschrijven omdat ik hem op een worteldag dronk: dat heb ik te vaak gedaan om er nog grappig over te kunnen doen.

Vandaag
🌸 Bloem dag
Wijn is aromatisch en fris. Een goede dag om te proeven, vooral voor witte en aromatische wijnen.
Maan voor Tweelingen (Lucht)

Veertien dagen vooruit

di 19/5
🌸
bloem
wo 20/5
🌸
bloem
do 21/5
🌿
blad
vr 22/5
🌿
blad
za 23/5
🍇
fruit
zo 24/5
🍇
fruit
ma 25/5
🍇
fruit
di 26/5
🌱
wortel
wo 27/5
🌱
wortel
do 28/5
🌸
bloem
vr 29/5
🌸
bloem
za 30/5
🌿
blad
zo 31/5
🌿
blad
ma 1/6
🌿
blad

Kalender berekend op 19 mei 2026. Vernieuwt automatisch bij elke site-update. Bron: Maria Thun's Aussaattage, met astronomische berekening volgens Jean Meeus.

Niveaus: van beginner tot Master of Wine

Wijn proeven leer je op het niveau dat bij je past. Nederlandse en internationale opleidingen lopen parallel. Hieronder hoe ze zich tot elkaar verhouden, en waar je elk niveau in de praktijk mee uitkomt.

Beginner: SDEN 1, WSET Level 1

Hier leer je de woorden. Wat is zuur, wat is tannine, wat doet hout met een wijn. Een handvol druiven, een handvol klassieke gebieden. Genoeg om in een restaurant een keuze te maken die past bij gerecht en portemonnee.

SDEN (Stichting Dranken Examens Nederland) is een Nederlandstalig instapniveau, veel gebruikt in de horeca. WSET Level 1 is internationaal, korter, in één dag te halen.

Gevorderd: SDEN 2 & 3, WSET Level 2

Op dit niveau gaat het over hoe wijn ontstaat. Druif, klimaat, bodem, kelderwerk. Je proeft systematisch met een vast schema. Je leert dezelfde wijn beschrijven zoals een collega in Londen of Hong Kong dat zou doen, zodat je notities herbruikbaar worden in plaats van persoonlijk.

SDEN 3 voert je dieper de regio's in. WSET Level 2 doet hetzelfde in een wereldwijd raster en introduceert al de kernlogica van de SAT.

Expert: WSET Level 3, SDEN Vinoloog (4)

Hier verandert proeven van vaardigheid in beroep. Examen op WSET Level 3 betekent een blinde proefnotitie schrijven die internationaal vergelijkbaar is. SDEN Vinoloog is het Nederlandstalige equivalent en gaat diep op productiekennis en handelskennis.

De SAT (Systematic Approach to Tasting) wordt op dit niveau je tweede taal. Je herkent niet alleen wat een wijn is, je beargumenteert ook waarom hij is wat hij is.

Hoogste niveau: WSET Level 4 (Diploma), Master of Wine

WSET Level 4, beter bekend als het Diploma, is een traject van twee tot drie jaar met examens, papers en blinde proeverijen onder tijdsdruk. Het is de standaard voor wijnprofessionals die hoger willen.

Daarboven zit het Master of Wine-traject van het Institute of Masters of Wine. Vier jaar of langer, drie examendagen blind proeven, een research paper. Wereldwijd zijn er minder dan vierhonderd MW's. Daarnaast bestaat de Master Sommelier-route via de Court of Master Sommeliers, gericht op service en restaurantvloer.

Op dit niveau verandert proeven van vaardigheid in dialect. Je herkent niet alleen Riesling, je herkent Mosel-Riesling van een producent die je nog nooit eerder geproefd hebt, op basis van structuur en stijl. Daar gaan jaren overheen.

Zelf legde ik het fundament via WSET, en bouwde verder met CIVC-masterclasses Champagne, importeursproeverijen, en bezoeken in kelders bij producenten. Wat ik daar leerde zit niet als checklist in mijn hoofd, maar als vocabulaire en ijkpunten waar ik onbewust op terugval.

De WSET SAT: vier stappen

De Systematic Approach to Tasting is het skelet onder de hele WSET-opleiding. Geen checklist die je afwerkt, maar een taal die je deelt met collega's overal ter wereld. Vier stappen, in deze volgorde.

Uiterlijk

Helderheid, kleurintensiteit, kleur. Tranen en viscositeit. Bij mousserende wijn ook de mousse: fijn of grof, hardnekkig of snel weg.

Neus

Conditie eerst: schoon, of mankt er iets aan? Dan intensiteit (licht, medium, uitgesproken) en ontwikkeling (jong, evoluerend, complex, rijp). Pas daarna de aroma's zelf, in drie families. Primair uit de druif (fruit, bloemen, kruiden). Secundair uit de fermentatie (gist, boter, brood). Tertiair uit de rijping (noten, leer, paddestoelen, karamel).

Gehemelte

Zoetgraad, zuurgraad, tannines bij rood, alcohol, body, smaakintensiteit, smaakkarakter, afdronk. Bij mousserende wijn ook hoe de mousse aanvoelt: fijn of grof.

Conclusie

Kwaliteit, drinkrijpheid, rijpingspotentieel. En voor wie er klaar voor is: welke druif, welke regio, welk jaar. De SAT kost tijd om automatisch te worden. Zodra hij dat is, proef je sneller en schrijf je preciezer.

Deductief proeven en blind werken

Blind proeven is het eerlijkste instrument dat je hebt. Je ziet het etiket niet. Je weet de prijs niet. Wat overblijft is wat in het glas zit.

Deductief redeneren is een conclusie bouwen vanuit wat je proeft. Kleur zegt iets over leeftijd en druif. Zuurgraad over klimaat en regio. Tanninetextuur over druifras en vinificatie. Aroma's over terroir en rijpingswijze. Op WSET Level 3 begin je met dit denken, op Diploma is het tweede natuur.

Bij mijn CIVC Champagne-masterclasses in Reims ging het nog een stap verder: autolytische karakters lezen (brioche, biscuit, gist), dosage inschatten op mondgevoel, stijl identificeren van Brut Nature tot Demi-Sec. Champagne heeft een eigen vocabulaire naast de SAT.

Blind proeven leer je alleen door het te doen. Begin met een druif die je goed kent. Laat iemand anders schenken. Schrijf alles op vóór je raadt. De gok is minder interessant dan de redenering eraan vooraf.

Hoe ik proef als ik werk

Dit is mijn werkmethode. Ik gebruik hem als ik proefnotities schrijf, een opdracht voor een klant uitwerk of een fles voor de podcast prepareer. Voor een doordeweekse fles bij het eten doe ik dit niet, dan schenk ik in en drink ik mee.

Vóór ik opentrek staat de fles een uur op tafel. Ik kies een neutraal glas en check de temperatuur. Daarna laat ik de wijn een half uur staan. Niet uit ritueel, maar omdat een net-geopende wijn een ander verhaal vertelt dan dezelfde wijn vijf minuten later.

Proeven is vergelijken. Terwijl ik bezig ben lopen andere wijnen mee in mijn hoofd: zelfde druif, vergelijkbare streek, soortgelijke leeftijd. Of een wijn doet wat hij moet doen voor zijn herkomst en prijs, weet ik pas als ik weet waartegen ik hem afzet.

Prijs en kwaliteit horen bij elkaar in die beoordeling. Een Bourgogne premier cru van vijftig euro meet ik af aan andere premier crus op dat niveau. Een Cava van acht euro ook, maar dan tegen de beste Cava's die ik ken. De referentie verschuift, de scherpte niet.

Punten geef ik. Voor mezelf, om bij te houden waar een wijn staat: dit type, dit geld, dit moment. Soms vraagt een opdrachtgever er een cijfer bij, dan lever ik dat met de context erbij. Een 87 zonder referentiekader zegt niets.

Daarna volg ik de standaardvolgorde en proef ik dezelfde wijn nog een keer na vijf minuten. Dat tweede moment is meestal waar de notitie zit.

Notities bijhouden

Proeven zonder vastleggen is bijna zonde. De fles van vandaag vergelijk je over twee jaar met een nieuwe oogst, en zonder notitie weet je niet meer waarom je hem toen goed vond.

Daarvoor bouwde ik een eigen app. Gebaseerd op wat ik leerde bij WSET, in CIVC-masterclasses, op importeursproeverijen en bij producenten in de kelder. Vakkennis als skelet, maar het gaat me vooral om de beleving: het moment, de geur die je ergens aan herinnert, het beeld dat blijft hangen. Een formulier dat ruimte laat voor wat een wijn met je doet, niet alleen voor wat erin zit.

Open source, draait in je browser, slaat alles lokaal op. Geen account, geen server, geen tracking. Je kunt je notities exporteren als Markdown-bestand, naar jezelf mailen, of uitprinten voor je archiefmap.

Open de proefnotitie-app →

Liever met pen op papier? Print een blanco SAT-formulier en vul met de hand in. Even degelijk, en notities die op papier staan vergeet je minder snel. Vier categorieën (wijn, Champagne, spirits, alcoholvrij) op drie niveaus.

Bekijk alle blanco formulieren →

Liever begeleid leren proeven? Bekijk de workshops →

Tips & hulpmiddelen

Het glas verandert wat je proeft

Geen Bordeaux uit een tulpvormig flûteglas. Geen Champagne uit iets cilindrisch. Een neutraal Zalto Universal of een ISO-tasting glass dekt 90% van wat je nodig hebt voor serieus proeven. De rest is trofee.

Liever te koel dan te warm

Witte wijn op 8°C wordt vanzelf 11°C in een paar minuten. Witte wijn op 12°C wordt nooit meer 9°C zonder nieuwe ijsemmer. Champagne op 7°C is precies goed voor een serieuze fles. Voor feestdrinken mag het lager.

Water en ongezouten brood

Niet om je gehemelte schoon te spoelen, dat is een mythe. Wel om de fysieke ervaring te vertragen zodat je écht proeft in plaats van slokt. Brood absorbeert vet, water reset de temperatuur in je mond.

Schrijf de eerste indruk binnen vijftien seconden op

Daarna ga je rationaliseren en raak je de essentie kwijt. Eén woord. Eén beeld. Eén verbinding. Pas daarna de structuur, het zuur, de afdronk, de tannines.

Geen parfum, geen kaarsen, geen gebakken vis

De neus van een wijn is kwetsbaarder dan veel mensen door hebben. De kamer waar je proeft is het instrument waarmee je proeft. Behandel hem zo.

Proef regelmatig blind

Niet om quizzen te winnen. Om te ontdekken hoe vaak je labelvooroordeel meedoet. Eén blinde fles per week, hooguit twintig euro, samen met iemand die ook eerlijk wil zijn. Je leert meer in een maand dan in een jaar open proeven.

Houd één fles bij die je goed kent

Een ankerwijn. Iets wat je elke maand opnieuw drinkt en waarvan je weet wat hij hoort te zijn. Tegen die fles meet je alle anderen, niet tegen een puntenschaal. Mijn ankerwijn op dit moment: Egly-Ouriet Brut Tradition. Volgend jaar misschien iets anders.